Reisadviseur Moniek Bos-Bouwman: 'Uw vakantie is mijn werk!'

Snaefellsnes & Snaefellsjokull park

16 augustus in

Als we wakker worden is de wereld ineens heel klein. De wolken hangen zo laag dat het zicht heel beperkt is. Dat komt omdat Thingvellir National Park vrij hoog ligt, maar als we naar beneden rijden lacht de zon ons gelukkig weer tegemoet. Vanaf het park is het bijna een uur rijden naar onze eerste stop, de Landbrotalaug Hotsprings, maar die blijken bij aankomst gesloten. Iets verder vind je de Gerduberg Cliffs, dat zijn grote basaltrotsen die een enorme wand van steen vormen. Het landschap in deze omgeving is echt overweldigend mooi. Met hoge kliffen, kraters, overval watervallen en lange uitgestrekte (lavarots)vlaktes.

Ooit wel eens spa-rood uit de grond gedronken? Nou dat kan bij Ölkelduvatn Mineral Spring. Hier komt gewoon bruisend drinkwater naar boven. Op Ytri Tunga Beach zijn normaal veel zeehonden, helaas is het bij ons eb en zijn ze heel ver weg. Op het strand ligt een grote aangespoelde walvis te vergaan, heel tragisch.

In het zwarte kerkje Budakrikja is een bruiloft aan de gang. Deze kleine kerkjes vind je overal in het land. Bijzondere aan deze is dat er geen dorpje in de buurt te bekennen is, het staat in niemandsland. Vanaf ver zie je de Bjarnarfoss Waterval al, een parkeerplaats ligt langs de weg en door een korte wandelingen kun je heel dichtbij de waterval komen.

Net als vele andere toeristen, stoppen we vervolgens bij de Raudfeldsgja Gorge. Een wandeling van een ongeveer 20 minuten brengt je bij de ingang van de kloof. Zorg voor goede waterdichte wandelschoenen, want je moet een stukje over de stenen en door het water klauteren om de kloof in te kunnen. Wij gaan er een klein stukje in, want waterdichte schoenen hebben we helaas niet aan. Zeker de moeite waard om deze korte tocht te maken.

Voor een mooi uitzicht over de kliffen en de grote meeuwenkolonie stop je bij Londrangar. Je kunt hier ook verschillende wandelingen maken, wij bezoeken alleen de twee uitzichtplatforms. De een na laatste stop van vandaag is bij Djúpalónssandur Beach. Dit is voor ons de drukst bezochte plek tot nu toe. Wat een mensen, wat een kleine parking en wat is het zoeken naar een plekje. De smalle weg erheen zou vermoeden dat er geen grote toeristenbussen komen, nou niets is minder waar, want ook die rijden er gewoon naar toe. Dit zwarte kiezeltjesstrand heeft naast de zee ook nog een mooie lagune aan het strand. Het is een kleine klim naar beneden, maar meer dan de moeite waard. Een mooi gat in de rotsen, zorgt er ook nog voor dat je geweldige plaatjes van de met sneeuw bedekte rots kunt maken. Op het strand liggen nog allemaal zwaar verroeste stukken van de boot die hier in 1948 is gestrand.

Aan het eind van de dag doen we de Saxholl Crater. Door middel van een enorme grote ijzeren trap loop je naar de top van de krater. De trap is klaar maar aan het platform wordt nog gewerkt. Je kunt wel mooi in de krater kijken of zelfs even een stukje naar beneden lopen. Omhoog is wel weer een uitdaging met al die losse lava… Het uitzicht bovenop die krater maakt alles goed, want dat is geweldig!!

Hiermee sluiten we de dag af en rijden richting onze volgende overnachtingsplek Hellissandur.